Reactie op het regeringsvoorstel mbt de opwaardering van het Sui Generi statuut

Een goed jaar geleden rondden we een bevraging bij onze achterban af. We polsten hierbij naar de verwachtingen van de ASO’s omtrent ons sociaal statuut en de organisatie van onze werkomgeving. Hieruit kwamen met een breed draagvlak volgende verzuchtingen:

  1. Vraag naar een volledig sociaal statuut
  2. Scheiding van de rol van werkgever en opleider, dit door het oprichten van een “derde partij”, naar analogie met de situatie bij onze collega’s HAIO.

Recent verscheen een artikel in artsenkrant aangaande deze problematiek. Hierin wordt gewag gemaakt van een regeringsvoorstel (hetgeen we inmiddels konden inkijken). Hieronder kan u onze reactie vinden op dit voorstel:

Het afgelopen jaar hebben we hard gewerkt om deze zaken hoog op de politieke agenda te plaatsen. Zo was er o.a. overleg met de CEO’s van de universitaire ziekenhuizen, de decanen van de faculteiten geneeskunde, de artsensyndicaten, politieke partijen, het kabinet van Volksgezondheid en het RIZIV.

  • Met zowel de syndicaten, de universitaire ziekenhuizen als de faculteiten werd een draagvlak gevonden om de jaren als ASO te laten meetellen als “gewerkte jaren” in de pensioenberekening. Een eerste stap om dit te bewerkstelligen was het aanschrijven van de NAR (Nationale ArbeidsRaad). Ondanks lang aandringen kregen wij geen antwoord. We planden inmiddels verdere stappen om deze vraag kracht bij te zetten bij de bevoegde kabinetten.
  • Wat de opwaardering van het sociaal statuut betreft zijn enkele pistes mogelijk, zoals pensioensparen via een groepsverzekering, een optie die de voorkeur van de ziekenhuizen wegdraagt. De kostprijs hiervan wordt berekend. Een andere piste blijft het invoeren van een volledig sociaal statuut. De grote vraag blijft wie dit zal betalen. Ons inziens blijft een volledig sociaal statuut een basisrecht en dienen de ASO’s niet op te draaien voor  een systeem dat in het leven werd geroepen om de onderfinanciering van de ziekenhuizen te compenseren.
  • De scheiding van de rol werkgever en opleider bleek dusver het meest gevoelige discussiepunt. Wij zijn echter overtuigd van het belang hiervan en zullen blijven aandringen om de ASO minder afhankelijk van zijn stage-omgeving te maken.

Tot onze verbazing verscheen op vrijdag 24/06 in de Artsenkrant een communicatie vanwege het Kabinet van Minister De Block omtrent het statuut van de ASO en de HAIO (http://www.artsenkrant.com/actueel/naar-een-sui-generis-statuut-aso-s-met-pensioenopbouw/article-normal-19739.html).

Dit artikel blijkt te gaan over een advies van de Minister van Volksgezondheid, een voorstel dat inmiddels werd voorgelegd aan de Nationale Paritaire Commissie Geneesheren-Ziekenhuizen. Voor de ASO betekent het voorstel ten eerste een significante loonsvermindering door de afhouding van de persoonlijke bijdrage. Daarenboven wordt de werkgeversbijdrage door de ziekenhuizen gecompenseerd door de schrapping van de RIZIV-toelage voor ASO’s. Conclusie: de ASO betaalt tweemaal: de werknemers- én de werkgeversbijdrage. De regering bespaart 20 miljoen.

Dit voorstel is onbespreekbaar. De gerechtvaardigde oproep van de HAIO’s en ASO’s om hun arbeidsstatuut te regulariseren, is in de handen van de regering tot een besparingsmaatregel verworden, op kap van de zwakste schakel.

Delen:
Facebook0
Google+
https://vaso-amsf.be/nl/2016/08/22/reactie-op-het-regeringsvoorstel-aangaande/
Twitter34
LinkedIn